65. Pesso: aan den lijve of lichaamsgerichte psychotherapie

Hoe kan therapie genezen 65.

Pessotherapie wordt in Nederland steeds bekender. Albert Pesso en Diane Pesso-Boyden zijn de Amerikaanse grondleggers van deze lichaamsgerichte vorm van psychotherapie. In Amerika heet het Pesso-Boyden System Psychomotor, ofwel PBSP. In het boek ‘Aan den lijve’ over Pesso-psychotherapie (van Attekum, 1997) wordt het doel van deze psychotherapie mooi omschreven: weer in contact komen met de eigen zielsbewegingen en de eigen levenskracht.

De therapie is niet gericht op het oplossen van problemen, maar het in gang zetten van een proces. Of ook: beter leren voelen en een manier van leven opbouwen die beter strookt met het echte zelf. De methode maakt gebruik van psychoanalytische, gezinstherapeutische en cliëntgerichte uitgangspunten om tot één geïntegreerde behandeling te komen.

In deze therapie worden de gevoelsuitingen in het lichaam gebruikt als toegangspoorten naar de eigen geblokkeerde levensenergie. Deze gevoelsuitingen staan niet op zichzelf, ze hebben bijna altijd te maken met een ander. De ander speelt dan ook een cruciale rol. Blokkeringen zijn het gevolg van niet gezien, niet gehoord, afgewezen, of niet genoeg ontvangen zijn als kind door belangrijke anderen. Deze onvervulde basisbehoeften van een kind liggen aan de basis van de gestagneerde levensenergie, en komen vaak tot uiting in symptomen, waar de cliënt hulp voor zoekt: vermoeidheid, verdriet, lichamelijke klachten of andere psychische problemen.

Er is een natuurlijk principe van tegemoetkoming en wederkerigheid dat zich onvoldoende heeft voltrokken in de jeugd. Dit heeft Pesso accommodatie genoemd. Deze accommodatie vormt het draaipunt van de therapie. Doordat anderen je alsnog tegemoetkomen, met jou accommoderen, wordt het mogelijk om weer in contact te komen met de oorspronkelijke interactieve energie. Verstarde gevoelens en bewegingen kunnen in het lichaam worden gevoeld, geuit en gericht worden op een ander die het nu wel kan ontvangen (Attekum, 1997).

Symbolische vervulling van gemis

Net als Ruppert (2012), die andere mensen opstelt in de ruimte om bepaalde rollen van familieleden uit te drukken, maakt Pessotherapie gebruik van rolfiguren. Pessotherapie wordt gedaan in een groep waarbij de groepsleden rollen op zich nemen om bepaalde scènes en belangrijke personen uit het leven van de cliënt uitdrukken. Dit wordt accommoderen genoemd.

Pessotherapie is daarbij overigens heel down to earth. Het gaat om het in contact komen met vaak heel pijnlijke gevoelens in jezelf, zoals gevoelens van gemis, verlatenheid, eenzaamheid of afwijzing. Het uitdrukken en ontvangen ervan door een ander die accommodeert, geeft de mogelijkheid om deze gevoelens in perspectief te plaatsen. Ook kan er een andere afloop gemaakt en uitgebeeld worden waardoor je basisbehoefte als kind alsnog symbolisch vervuld kan worden.

Door een andere afloop te ervaren zowel in woorden als lijfelijk, kun je een meer positieve en realistische beleving krijgen van jezelf en anderen. Daarmee open je een perspectief op meer bevredigende ervaringen en relaties met anderen.

Ik vind het een heel bijzondere therapie waarbij het lichaam als het ware een stem krijgt en onbewust opgehoopte spanningen gaan vertellen wat er aan de hand is. Voor mij werd nog duidelijker dat nare herinneringen niet alleen in je hersenen zijn opgeslagen maar ook in allerlei vormen van spierspanning in je lichaam.

Ik moet ook denken aan de psychotherapie van Heiligenberg, ‘Begrijp je pijn’ (2010). In die therapie worden lichaamspijnen gezien als signalen van een psychische blokkade (zie blog 30). Rugpijn, nekpijn, kniepijn of schouderpijn kunnen namelijk verbonden zijn met een specifiek besluit dat iemand nam door een moeilijke of traumatische ervaring. Zo’n besluit bestaat vaak uit een voornemen om iets, een bepaald gevoel, nooit meer te willen meemaken. Net als bij Pessotherapie wordt het lichaam als ingang gebruikt om meer te weten te komen over de onbewuste besluiten die je dagelijks leven vormgeven en beperken.

Een ervaringsgerichte therapie vind ik overigens heel wat moeilijker te beschrijven dan een theoretisch sterk gefundeerde therapie zoals de psychoanalyse. Het spijt me dat ik er niet duidelijker over kan zijn. Voelen en lichamelijk ervaren vertaalt zich moeilijk in een overzichtelijke beschrijving. Je zou het moeten meemaken om de bevrijding die het teweeg kan brengen zelf aan de lijve ter ervaren.

Laten we de schat aan ervaringen die psychotherapeuten hebben, koesteren en hopen dat ze hun schatten kunnen opschrijven en overdragen aan anderen. Hier geef ik het woord ook even kort aan Irvin Yalom (2002), die zijn kennis en ervaringen op een bijzondere, heldere toegankelijke manier kan verwoorden.

Blanchefleur Johnston  Blanchefleur Johnston

Literatuur
Attekum, M. van (1997). Aan den lijve, lichaamsgerichte psychotherapie volgens Pesso. Amsterdam: Pearson.
Heijligenberg, P. (2010). Begrijp je pijn. Een nieuwe behandelmethode voor medisch niet-verklaarbare lichaamspijnen. Deventer: Uitgeverij Ankh-Hermes.
Ruppert, F. (2012). Bevrijding van trauma, angst en onmacht. Op weg naar gezonde autonomie en liefde. Eeserveen: Uitgeverij Akasha.
Yalom, I.D. (2002). Therapie als geschenk. Amsterdam: Balans.

Advertenties

52. Succes van EMDR bij allerlei psychische klachten

Hoe kan therapie genezen 52.

Over het succes van EMDR is Shapiro (2004) zeer enthousiast. Het succes beperkt zich volgens haar niet tot een duidelijk gediagnosticeerd trauma. Onderliggende, onbewuste trauma’s kunnen ook bewerkt worden met EMDR. Door de vorm van vrije associaties tijdens de EMDR procedure kunnen er spontane andere herinneringen opkomen. Die herinneringen hebben een direct emotioneel verband met het huidige trauma.

De behandeling richt zich dan ook niet alleen op het huidige trauma, maar ook op alle spontane, emotioneel geladen herinneringen die er mee samenhangen. Zo kun je ook trauma’s van vroeger op het spoor komen en behandelen.

Volgens Shapiro kan bovendien bijna elke vorm van lijden of psychische klachten teruggevoerd worden op eerdere ervaringen, en kan het geheeld worden met behulp van EMDR. Shapiro gebruikt EMDR ook bij bijvoorbeeld bij het leren omgaan met en accepteren van levensbedreigende ziekten, omgaan met handicaps, ouder worden en doodgaan.

Ook voor bepaalde pijnklachten ziet ze mogelijkheden met EMDR. Shapiro (2004) geeft enkele voorbeelden waarbij EMDR hielp om onbegrepen pijnklachten te behandelen. Clinici hebben namelijk vaker gevonden dat de oorzaak van fysieke pijn een traumatische herinnering bleek te zijn. In meerdere gevallen bleek dat fysieke pijn verdween toen een traumatische herinnering met EMDR werd behandeld.

EMDR bij fysieke pijnklachten

Het fascineert me enorm hoe pijnklachten en emotionele herinneringen kunnen samenhangen. Ik ga daarom graag in op een voorbeeld dat Shapiro in haar boek beschrijft. Ze vertelt hoe EMDR geholpen heeft bij een man met pijnklachten in zijn rechterschouder. Deze man had al jarenlang last van schouderpijn. Op een gegeven moment kwam hij bij een therapeut voor behandeling van paniekklachten en het niet meer durven autorijden. De therapeut koos er voor om de klachten met EMDR te benaderen.

Tijdens de behandeling herinnerde de man zich dat hij de pijn in zijn rechterschouder voor het eerst had gekregen tijdens een auto-ongeluk. Terwijl tijdens de EMDR behandeling de herinnering van het auto-ongeluk werd behandeld, ontspande zijn rechterschouder op een gegeven moment volledig. De pijn en spasme verdwenen geheel en kwamen niet meer terug.

Toen ik dit las, kwam er bij mij een spontane associatie boven. Het deed me sterk denken aan de psychotherapie van Heijligenberg (2010) bij onbegrepen lichamelijke pijnklachten. Ik pakte zijn boek ‘Begrijp je pijn’ erbij en keek of ik het voorbeeld met zijn methode nog beter kon begrijpen. Volgens Heijligenberg kan een bepaalde gedachte of voornemen namelijk leiden tot een langdurige pijn of verkramping ergens in je lichaam (zie blog 30, het genezen van onverklaarbare pijnklachten).

In de termen van Heijligenberg zou deze man van zijn pijnklachten afgekomen zijn doordat hij zich tijdens de EMDR-procedure bewust werd van een voornemen. Heijligenberg legt duidelijk uit welk voornemen past bij pijn in de rechterschouder. Hij beschrijft dat als volgt. ‘De ander heeft iets gedaan wat voor jou heel naar is. Je bent er door geraakt. Je had niet verwacht dat iemand zo gevoelloos met jou zou omgaan. Je bent er kwaad om. Je bedenkt nu manieren om de ander te laten weten hoe kwaad je bent.’

Je kunt je vast voorstellen dat dit soort gedachten inderdaad bij deze man na het auto-ongeluk zijn opgekomen. Die gedachten kunnen zichzelf zelfs lange tijd ergens hebben vastgezet. Mogelijk heeft de man uiteindelijk tijdens emotionele verwerking van zijn angsten en het ongeluk door EMDR vervolgens ook zijn bijkomende nare gedachten en boosheid kunnen loslaten. In andere woorden, zijn kwaadheid over het ongeluk en zijn voornemen om verhaal te willen halen heeft hij een plek kunnen geven, waardoor ook de verkramping van zijn schouder verdween.

Het klinkt je misschien toch nog vreemd in de oren dat schouderpijn en een gedachte met elkaar te maken kunnen hebben. Toch meen ik net als Heijligenberg dat veel pijnklachten op die manier beter begrepen kunnen worden. Verwerking van trauma en emoties gebeurt niet alleen in de hersenen, het hele lichaam is er bij betrokken.

Ik voeg graag de kennis van meerdere therapeuten samen tot een steeds beter begrip van wat er eigenlijk gebeurt in iemands brein én lichaam tijdens verwerking van herinneringen en trauma’s. Daarmee kom ik op het mogelijke werkingsmechanismen van EMDR bij traumaverwerking.

Blanchefleur Johnston     Blanchefleur Johnston

Literatuur
Heijligenberg, P. (2010). Begrijp je pijn. Een nieuwe behandelmethode voor medisch niet-verklaarbare lichaamspijnen. Deventer: Uitgeverij Ankh-Hermes.
Shapiro, F. and Forrest, M.S. (2004). EMDR, the breakthrough therapy for overcoming anxiety, stress, and trauma. New York: Basic Books.

32. Verminderen van pijn door verbeterd contact

Hoe kan therapie genezen 32.

De methode van Peter Heijligenberg (2010) om pijnklachten te genezen is zeker geen eenvoudige methode, ook al lijkt dat op het eerste gezicht misschien zo. Heijligenberg benadrukte dat we heel voorzichtig om moeten gaan met de kennis uit zijn boek. Hij geeft ook aan dat zijn methode niet goed genoeg wetenschappelijk gefundeerd is. Drie cliënten per pijnplek als bewijs is bij lange na niet genoeg, besefte hij. Dat zouden er eerder dertig moeten zijn.

Er zal een lange weg nodig zijn om meer bewijs te verzamelen voor zijn methode. Helaas geldt dat eigenlijk voor alle therapie, inclusief de op wetenschappelijk bewijs gebaseerde therapieën zoals de cognitieve therapie van Beck (1995).

Zoals ik al in mijn inleiding zei (blog 1), schiet de wetenshap behoorlijk tekort in het verhelderen van individuele, persoonlijke ervaringen en genezingsprocessen, en hebben we de schat aan ervaringen van therapeuten hard nodig om steeds meer grip te krijgen op hoe therapie kan genezen.

Ik zie de theorie van Heijligenberg als een wonderbaarlijk in elkaar grijpen van een innerlijk idee en lichamelijke pijnklachten. Als kern van de therapie geeft hij aan dat er innerlijke verandering van houding ten opzichte van iemand anders moet plaatsvinden. Weten is niet genoeg, het gaat om een doorleefd inzicht dat leidt tot gedragsverandering in het contact met anderen. Door zijn hele boek heen en vooral bij zijn adviezen kom je steeds tegen dat het belangrijk is om met de ander in contact te treden over je problemen op zo’n manier dat het voor beide partijen goed voelt.

Hij waarschuwde verder dat het bewustwordingsproces bij een cliënt overigens makkelijk verstoord kon worden als hij te snel of op een verkeerde manier de oorzaak van een pijnklachten ter sprake bracht. Ook zijn gesprekstechniek en manier van werken spelen een belangrijke rol in het therapieproces.

Daarnaast werden al zijn adviezen gericht op het op een gezondere manier omgaan met belangrijke anderen. Een verbeterde communicatie en beter, prettiger contact met dierbare anderen kan op zich een goede verklaring zijn voor het effect van zijn therapie.

Ik vind het bijzonder mooi hoe goed hij in staat is geweest om het gezonde gedrag te benoemen dat in de plaats kan komen van minder gezonde voornemens. Dat alleen al maakt zijn boek heel waardevol.

Pijn in rechterelleboog vanwege familieproblemen

Ik kijk natuurlijk ook naar zijn ideeën door mijn eigen bril. Ik vermoed dat de pijn en spanning mede kunnen verdwijnen omdat iemand beter en op een prettigere manier in contact leert komen met anderen. De weerstand, spanning en uiteindelijk pijn, die het oproept om steeds met iemand in conflict te zijn, wordt hiermee doorbroken.

Wat dat betreft vind ik het een heel mooi voorbeeld hoe cognitieve therapie kan helpen om pijnklachten te genezen. Je kunt je verder voorstellen dat dit niet alleen werkt bij mensen met pijnklachten maar ook bij allerlei andere vormen van stress en spanning. Ontspanning door een verbeterd contact met jezelf, je lichaam en met anderen, doorbreekt de pijncirkel van zowel lichamelijke als emotionele pijn.

Nog een voorbeeld. Op dit moment heb ik zelf pijn aan mijn rechterelleboog. Ik weet waardoor ik die pijn gekregen heb. Tijdens het squashen heb ik een verkeerde beweging gemaakt waardoor de aanhechting van de spier aan mijn elleboog een klap kreeg. Daarna kon ik een week lang zelfs geen kopje optillen. Ik heb rustig aan gedaan en na enkele weken kon ik weer squashen.

Gek genoeg is de pijn echter niet verdwenen. Er blijft een plekje zitten dat steeds maar zeurt, en ook af en toe gewoon verdwenen is. Alsof zich daar spanning heeft opgehoopt, die ik nu ook als pijn voel. Als ik genoeg ontspan, verdwijnt het echter. Elke pijn waarvan ik niet weet wat de oorzaak is, zoek ik tegenwoordig op in Begrijp je pijn.

Bij pijn in de rechterelleboog vond ik het volgende. Pijn in de rechter elleboog, 31, Gedrag of innerlijke houding: Je bent het er niet mee eens dat de ander er als vanzelfsprekend van uitgaat dat jij voor hem of haar dingen doet waarvan hij of zij weet dat je die liever niet zou doen. Je wilt dat deze houding van de ander verandert. Je neemt je voor om de ander in krachtige bewoordingen duidelijk te maken dat het helemaal niet vanzelfsprekend is, dat jij iets doet wat je niet wilt doen.

Advies: Als je krachtige woorden gebruikt dan bestaat het gevaar dat er ruzie ontstaat.Je doet er goed aan om de ander op een rustige manier uit te leggen dat jij uiteindelijk zelf wilt beslissen of je iets wel of niet zult doen.

Ik moet toegeven dat ik het heel herkenbaar vind wat daar staat. Mijn neef Mozes Johnston heeft de neiging om dingen te vragen waar ik eigenlijk niet aan kan voldoen. De laatste tijd geef ik steeds vaker weerwoord aan hem, maar ik krijg daarmee ook vervelende ruzies, die zich maar moeilijk weer oplossen.

Het advies kan ik wel gebruiken. Ik denk inderdaad dat ik weer wat rustiger, maar wel duidelijk moet gaan zeggen welke dingen ik wel of niet wil of kan doen voor hem. Ik denk er wel gelijk bij, dit heeft misschien wel niets te maken met de pijn in mij elleboog, maar het is een heel verstandig advies. Het geeft een opening om weer beter in contact te komen met mijn neef en meer rekening te houden met zijn gevoeligheden.

Blanchefleur Johnston  Blanchefleur Johnston

Literatuur
Beck, J.S. (1995). Cognitive Therapy, Basics and Beyond. New York: The Guillford Press.
Heijligenberg, P. (2010). Begrijp je pijn. Een nieuwe behandelmethode voor  medisch niet-verklaarbare lichaamspijnen. Deventer: Uitgeverij Ankh-Hermes.

 

31. Hoe verdwijnen of verminderen pijnklachten?

Hoe kan therapie genezen 31.

Hoe precies kan psychotherapie er voor zorgen dat fysieke pijnklachten verdwijnen? Die vraag kwam vroeger regelmatig bij me op als cliënten tijdens de begeleiding vaak terloops vertelden dat hun hoofdpijn, rugpijn, maagpijn of nekpijn inmiddels was verdwenen.

Heijligenberg (2010) gaf er een heel inzichtelijk antwoord op. Om pijnklachten te genezen moet volgens Heijligenberg het voornemen dat ten grondslag ligt aan de pijn (zie vorige blog) veranderd worden in een beter, adequater voornemen. Hij ging daarom samen met de cliënt na hoe die had gereageerd op de gebeurtenis en of hij ook anders had kunnen reageren. Iemand die zich bijvoorbeeld had voorgenomen niet meer met partner te praten over iets wat haar dwars zat, kwam er achter dat ze daarmee eigenlijk het contact op slot had gezet. Na het bespreken er van besefte ze dat ze er wel over moest gaan praten.

Heijlingenberg (2010) spreekt van het gouden moment van inzicht. Zulke gouden momenten heeft hij talloze keren mogen meemaken. Cruciaal tijdens de behandeling is dat de cliënt tot inzicht komt dat zijn voornemen niet goed heeft uitgepakt en dat hij op een andere, gezondere manier kan gaan reageren.

‘Op het moment dat zo’n inzicht doorbreekt, kun je aan de uiterlijke fysiek reactie van iemand zien dat er innerlijk iets belangrijks gebeurd is. Er wordt een weldadige ontspanning zichtbaar over het hele lichaam en meestal volgt en diep, lange tevreden zucht.’ De pijn is dan verdwenen. De veranderde innerlijke houding tot de ander leidt tot het verdwijnen van de klachten. De veranderde houding door een innerlijk besef en de daar op volgende ontspanning en berusting zou je hier het sleutelingrediënt kunnen noemen.

Na zo’n moment van zelfinzicht richt de therapie zich verder op het toepassen van dit inzicht in het dagelijks leven, bijvoorbeeld hoe iemand dan op een goede manier met haar partner kan gaan praten. De behandeling kan worden afgesloten als het nieuwe inzicht en gedrag geïntegreerd raken in het leven van de cliënt.

In het kort komt genezing tot stand door het achterhalen van de nare gebeurtenis, het benoemen van het voornemen dat de cliënt maakte door de nare gebeurtenis, het vervangen van het voornemen door een psychisch gezonder voornemen, en het oefenen van gezonder gedrag in de praktijk.

Ook bij andere therapeuten ben ik trouwens een duidelijk verband tegengekomen tussen fysieke pijn en herinneringen aan een nare of traumatische gebeurtenis. Shapiro (2004) vertelt bijvoorbeeld over een man die al jaren last had schouder- en rugpijn die zich plotseling herinnerde hoe de pijn ontstaan was. Door het behandelen van de traumatische herinnering verdwenen ook de schouder- en rugpijn volledig.

Shapiro ken je misschien van de EMDR-behandeling van trauma’s. EMDR staat voor Eye Movement Desensitization and Reprocessing. Op die therapie zal ik later zeker terugkomen.
Pijnplekken verbonden met voornemens

De ideeën van Heijligenberg (2010) gaan nog een stapje verder. Na lange jaren van ervaring ontdekte hij dat niet alleen een voornemen een rol speelde in de pijnklachten, maar dat bepaalde voornemens aan specifieke plekken gekoppeld bleken. Hij kwam op dit spoor omdat hij een cliënt had met pijn in haar linkerknie die haar voornemen aan hem vertelde: ze had besloten haar irritaties voortaan in zichzelf op te lossen.

Hij beleefde een soort déjà vu, omdat hij dit voornemen al een paar keer eerder had gehoord. En inderdaad toen hij de andere cliënten met pijn in de linkerknie opzocht in zijn archief, bleek dat zij hetzelfde voornemen hadden gehad. Het bleek geen toeval, maar een patroon. Ook bij 32 andere pijnplekken kon hij bij tenminste drie cliënten eenzelfde voornemen terugvinden.

Uiteindelijk heeft hij bij 115 pijnplekken een voornemen kunnen vinden dat specifiek bij die pijnplek hoort. In zijn boek heeft hij al deze pijnplekken benoemd. Hij heeft volledig beschreven wat het bijbehorende voornemen is. Vervolgens heeft hij ook zijn advies er aan toegevoegd hoe je dit voornemen kunt veranderen.

Ik geef je een voorbeeld zodat je er nog iets meer bij kan voorstellen. Stel je hebt pijn links onder in je rug naast je stuitje. In het boek zoek je die plek op. De plek heeft nummer 82. Vervolgens kijk je bij 82 wat het betekent en wat je kunt doen. Daar vind je een beschrijving van het voornemen die bij die pijnplek hoort en een advies. Een stukje daarvan geef ik hier weer:

Pijn circa 10 cm links van het stuitje (82). Gedrag of Innerlijke houding: je bent tot de conclusie gekomen dat de ander niet geïnteresseerd is in de diepere wensen en verlangens die jij hebt. Je voelt dit als een gemis in jullie contact. Je neemt je voor om daar niet meer met de ander over te praten.

Advies: Als je dit voornemen uitvoert dan zal jullie contact een meer afstandelijk karakter krijgen. Je doet er goed aan om de ander te vragen hoe het komt dat hij of zij geen interesse heeft in jouwe diepere wensen en verlangens. Als blijkt dat de ander die interesse niet wil of kan opbrengen, dan doe je er goed aan om hem of haar te zeggen dat jij dit in jullie contact als een gemis ervaart.

Op deze manier geeft Heijligenberg bij elke pijnplek een beschrijving van het voornemen en een advies wat je zou kunnen doen. Hij waarschuwt daarbij wel dat je een ervaren therapeut moet zijn met veel kennis van pijnklachten om deze methode op een goede manier te kunnen gebruiken.

Blanchefleur Johnston     Blanchefleur Johnston

Literatuur

Heijligenberg, P. (2010). Begrijp je pijn. Een nieuwe behandelmethode voor medisch                 niet-verklaarbare lichaamspijnen. Deventer: Uitgeverij Ankh-Hermes.
Shapiro, F. and Forrest, M.S. (2004). EMDR, the breakthrough therapy for overcoming                 anxiety, stress, and trauma. New York: Basic Books.

 

 

30. Begrijp je pijn, het genezen van onverklaarbare pijnklachten

Hoe kan therapie genezen 30.

Peter Heijligenberg schreef het boek ‘Begrijp je pijn, een nieuwe behandelmethode voor medisch niet-verklaarde lichaamspijnen’ (2010). Hij geeft daarin een hele speciale kijk op hoe therapie kan genezen. Ik zie het als een specifieke en bijzondere vorm van de cognitieve therapie van Beck (1995, zie vorige blog). Misschien zal je sommige pijnklachten zoals vage rugpijn, buikpijn of schouderpijn beter gaan begrijpen, als je gelezen hebt hoe Heijligenberg er tegen aankijkt.

Het verband tussen cognitieve therapie en lichamelijke pijnklachten ligt niet onmiddellijk voor de hand. Tijdens zijn werk als psychotherapeut merkte Heijligenberg dit verband echter regelmatig op. Hij ontdekte dat lichamelijke reacties en pijnklachten in je lichaam het gevolg kunnen zijn van een oordeel of gedachte over een specifieke, moeilijke of nare gebeurtenis die je hebt meegemaakt. Dat oordeel heeft te maken met jezelf in relatie tot de ander. Een nare gebeurtenis heeft namelijk heel vaak te maken met iets dat er fout ging in het contact tussen de cliënt en iemand anders die belangrijk is voor die cliënt.

Het gaat om gebeurtenissen waarbij de cliënt emotioneel geraakt is, maar dat niet heeft beseft. Dit kan van alles zijn zoals een conflict, onrecht, verwijten, of iets waar hij zich voor schaamde of als vernederend heeft ervaren. Graag vertel ik je hoe hij tot zijn ideeën kwam.

Bel me, al is het midden in de nacht

Peter Heijligenberg behandelde in zijn praktijk veel mensen met pijnklachten. Na een aantal jaren met deze cliënten te werken, merkte hij dat de pijnklachten heel vaak te maken hadden met een nare gebeurtenis die had plaatsgevonden ongeveer een dag voordat de pijnklachten waren opgetreden.

Vanuit de cognitieve gedragstherapie wist hij dat gedachten grote invloed hebben op gevoelens en het gedrag van mensen. Daarom vroeg hij steeds vaker aan cliënten wat er precies door hen heen was gegaan op het moment dat de pijn was ontstaan.

Hij raakte zo geïnteresseerd dat hij vroeg of cliënten hem wilde bellen zodra de pijn toenam, al was het midden in de nacht. Zo ging hij samen op zoek met de cliënt naar het moment of de nare gebeurtenis waarop de pijn voor het eerst gevoeld werd. Veel cliënten konden zich dat nog heel goed herinneren.

Ook liet hij cliënten een dagboekje bijhouden waarin ze schreven wanneer de pijn toenam of wat er dan door hen heenging. Daarmee bouwde hij een schat aan ervaring op over hoe pijnklachten bij allerlei cliënten ontstonden.

Als psychotherapeut was hij zich sterk bewust dat het niet de nare gebeurtenis zelf is die nare gevoelens of pijn oproept, maar de interpretatie of gedachten over de gebeurtenis. Hij merkte tijdens de gesprekken dat die gedachten vooral bestonden uit voornemens om te zorgen dat iemand niet nog een keer zoiets ergs zou meemaken. Dit voornemen bleek echter vaak eerder blokkerend en minder psychisch gezond dan nodig. Hij ontwikkelde daarop een manier om de pijnklachten te verminderen via de behandeling van de nare ervaring en het voornemen dat er aan gekoppeld werd.

Inmiddels is Heijligenberg geen praktiserend therapeut meer. Gelukkig heeft hij zijn methode heel precies beschreven zodat zijn kennis niet verloren is gegaan. Ik zal er nog iets meer van toelichten.

Blanchefleur Johnston  Blanchefleur Johnston

Literatuur
Beck, J.S. (1995). Cognitive Therapy, Basics and Beyond. New York: The Guillford Press.
Heijligenberg, P. (2010). Begrijp je pijn. Een nieuwe behandelmethode voor medisch niet-verklaarbare lichaamspijnen. Deventer: Uitgeverij Ankh-Hermes.