73. Eenzaamheid en ontstaan van een psychose

Hoe kan therapie genezen 73.

Hoe klachten als een psychose of schizofrenie zich kunnen ontwikkelen, blijft een zeer complex en ingewikkeld probleem. Therapeuten zoeken nog steeds op allerlei manieren naar antwoorden vanwege het dringende, wanhopige appel van cliënten met deze ernstige klachten. Hoe kunnen mensen zo verstrikt raken in hun eigen gedachtewereld dat ze van niemand meer iets aannemen, en niet of nauwelijks meer in staat zijn tot contact met de realiteit?

Eenzaamheid lijkt een belangrijke bijdrage te leveren (de Pater, 2012) aan het ontstaan van een psychose. Maar hoe kan het dat kinderen ook in ogenschijnlijk normale gezinnen zich erg eenzaam gaan voelen? En hoe kan het dat kinderen die te maken hebben gehad met duidelijke verwaarlozing er ook regelmatig redelijk gezond vanaf komen?

Ik zie een verband tussen het gevoel van eenzaamheid, zich niet kunnen uiten en een verstoorde ontvangersfunctie tussen het kind en de ouders. Mogelijk ligt een oorzaak van een psychose in het niet tot stand kunnen brengen van een gezond, steunend contact met de ouders en het daarom niet bespreekbaar kunnen maken van die eenzaamheid.

De verstoorde ontvangersfunctie (Leader 2012) kan ontstaan in gezinnen waarin de ouders een te groot emotioneel en symbiotisch beroep doen op hun kinderen, waardoor de kinderen gaan zorgen voor hun ouders. De ouders hebben door hun eigen ontwikkelingstekorten niet kunnen fungeren als een ontvanger en steunend contact voor hun kind.

Het uiten van de eigen gezonde emoties en impulsen kan in die gezinnen door ouders als onwelkom of bedreigend worden opgevat. Een gevoelig kind wordt daardoor op zichzelf teruggeworpen en kan het vragen om hulp, contact of aandacht opgeven.

Afsplitsen in plaats van uiten van woede of verdriet

Ruppert (2012) heeft helder beschreven hoe kinderen in ogenschijnlijk gezonde gezinnen op deze manier symbiotisch verstrikt geraakt zijn met hun ouders. Kinderen ontwikkelen in dit soort gezinnen allerlei overlevings- en ontkenningsstrategieën om de liefde van hun ouders te behouden.

Ze durven niet te praten over wat er met henzelf aan de hand is omdat ze bang zijn voor sociale afwijzing of verachting binnen hun eigen familie. Bij zulke kinderen kan er een emotionele verdoving ontstaan zijn, omdat ze hun eigen gevoelens hebben weg gereguleerd met behulp van allerlei cognitieve afweerstrategieën. Via verkeerde rationalisaties kunnen ze bovendien de indruk wekken van verwerking.

Als een kind steeds wordt afgewezen als het zijn boosheid, angst of verdriet laat zien, leert het zich aangepast en netjes te gedragen om de liefde van de ouders te behouden. Het gaat zorgen voor de emoties van de ouders en komt in een omgekeerde wereld terecht, waar de ouders vooral van hem houden als hij ook lief voor hen is.

Het kind leert niet anders dan dat hij voortdurend anderen gunstig moet stemmen om genoeg zorg te krijgen. De ultieme manier daarvoor is om te zorgen dat iedereen zich netjes gedraagt en lief voor elkaar is, zodat hij zelf zich geen zorgen meer hoeft te maken dat zijn ouders te kort komen. Desnoods met geweld of onder bedreiging van zelfmoord eist hij dat de wereld zich verbetert (Ruppert, 2012).

Gebrek aan aandacht, of verwaarlozing zelf veroorzaken niet altijd trauma’s en psychische problemen. Daar kunnen veel kinderen nog best mee omgaan. Maar het niet toelaten om je boosheid daarover te uiten omdat ouders dat zelf niet aankunnen of ongelukkig van worden, kan er voor zorgen dat een kind zijn woede, pijn en verdriet gaat ontkennen. Het kind blijft zitten met zijn woede, waardoor het gevoel van verwaarlozing en gebrek aan aandacht blijft voortbestaan, en steeds in nieuwe situaties herhaald wordt.

In therapie kan iemand leren om zijn woede of angst weer te voelen en op een normale manier te uiten. Hij kan leren dat hij terecht boos mag zijn als een ander hem afwijst, en dat hij niet voortdurend anderen aandacht hoeft te geven of vrolijk moet zijn om verdriet of boosheid van anderen te voorkomen.

Blanchefleur Johnston  Blanchefleur Johnston

Literatuur
Leader, D. (2012). Wat is waanzin? Amsterdam: de Bezige Bij.
Pater, M. de, (2012). De eenzaamheid van de psychose. Amsterdam: Uitgeverij SWP.
Ruppert, F. (2012). Bevrijding van trauma, angst en onmacht. Op weg naar gezonde autonomie en liefde. Eeserveen: Uitgeverij Akasha.

Advertenties

72. Genezen van psychose, schizofrenie of waanzin?

Hoe kan therapie genezen 72.

Voor sommige ernstige, psychische klachten hebben we een heroïsche aanpak nodig. Hoe kunnen psychologen en psychiaters cliënten met ernstige klachten zoals langdurige persoonlijkheidsproblematiek, psychose, wanen, dissociatieve stoornissen of schizofrenie helpen genezen?

Daar wil ik nog bij stil staan, omdat juist bij dergelijke cliënten werkelijk alle mogelijke beproefde en onbeproefde methoden nodig zullen zijn om voor hen iets te kunnen betekenen. Alles, maar dan ook alles, wat een therapeut in huis heeft, wordt door dergelijke cliënten op de proef gesteld.

De Britse psychoanalyticus Darian Leader (2012), beschreef in zijn boek ‘Wat is waanzin?’ hoe hij cliënten met wanen, psychose of schizofrenie steunt en behandelt: er bestaat domweg geen formule voor. Wat in de relatie tussen de psychoanalyticus en de psychoticus gebeurt, moet per cliënt opnieuw worden overdacht en uitgevonden.

Wel noemt hij een aantal dingen waarmee rekening gehouden moet worden omdat ze een psychose of wanen kunnen uitlokken of verergeren zoals een autoritaire of deskundige houding, dogma’s en vooroordelen van de therapeut, het proberen een norm op te leggen of het gedrag te normaliseren.

Hij merkt op dat de genezing van veel schizofrene cliënten wordt bepaald door de mate waarin de therapeut vrij is van conventionele opvattingen en vooroordelen. Deze cliënten moeten zelf kunnen uitvinden wat hun bevrediging en geborgenheid schenkt zonder schade voor hun medemens en ongeacht wat buren, familie en de publieke opinie er van denkt.

Een interessante uitspraak vind ik in dit verband dat volgens hem tegenwoordig bijna elke therapeut of analyticus psychotische cliënten in zijn praktijk heeft, al is de therapeut noch de cliënt zich daarvan bewust. Zijn ervaring is dat wanen bij veel mensen voorkomen zonder dat dit direct opvalt. Het vormt vaak een goed bewaard geheim.

Onbegrijpelijke, verwarde binnenwereld leren delen

Niet het verhaal en theorie van de therapeut, maar de mogelijkheid voor de cliënt om zijn eigen gedachtewereld, hoe ingewikkeld of onbegrijpelijk ook met iemand te delen vormt hier de kern van de behandeling.

De therapeut heeft daarbij de functie van ontvanger, van een betekenisvolle ander die bereid is om ontvankelijk te zijn voor de cliënt en zijn verhaal aan te horen, in te leven en te begrijpen. Wat een ouder vroeger niet heeft gekund, het horen, zien en ontvangen van het kind zoals het is en mag zijn, kan worden ingehaald.

Maar wat er ook gebeurt, volgens Leader is het cruciaal dat de therapeut oog heeft voor de herstelpogingen van de cliënt, namelijk zijn pogingen om betekenis te verlenen, om bruggen te bouwen tussen ideeën, of nieuwe levensstijlen bedenken. Deze pogingen kunnen overkomen als merkwaardig, onwaarschijnlijk of eigenaardig, ze geven echter blijk van een authentiek scheppingsvermogen.

Er bestaat daarbij wel het gevaar dat deze relatie allesomvattend, opslurpend en uitputtend wordt (Leader, 2012). Vaak wordt er daarom eerder een heel team ingezet dan in plaats van een therapeut, waarbij dan wel een vaste therapeut de taak van belangrijkste hechtingsfiguur op zich neemt.

Blanchefleur Johnston  Blanchefleur Johnston

Literatuur
Leader, D. (2012). Wat is waanzin? Amsterdam: de Bezige Bij.