77. Jij bent de maat van jouw dingen

Hoe kan therapie genezen 77.

Als onze waarneming en gevoel serieus genomen worden, hoeven we niet te discussiëren hoe we een stoel precies waarnemen. Of de stoel blauwpaars of paarsblauw geverfd is. Het is allebei het geval, en kan naast elkaar bestaan. We hoeven niet te discussiëren of een bank wel of niet lekker zit. Met mijn korte benen zit ik er anders op dan jij met je langere benen.

Mijn lichaam is de maat van mijn dingen, jouw lichaam is de maat van jouw dingen. Ik ben de maat van mijn waarheid, jij bent de maat van jouw waarheid. Laten we niet twisten over welke meetlat echter of beter is. Laten we een bank uitzoeken waarop we allebei lekker kunnen zitten, ongeacht of de maten kloppen.

Mijn verliefdheid zal anders verlopen dan jouw verliefdheid. Ik kan er ziek van worden, diarree van krijgen, misselijk, en pijn in mijn hart. Die diarree is echt, en de rest gebeurt ook echt, ook als dat bij jou zo niet gebeurt. Zodra ik het echter ga benoemen, kun je van mij een interpretatie horen die soms ver van de waarheid verwijderd is. Tijdens het benoemen kan het verwrongen worden door allerlei mechanismen van censuur, zelfbescherming, afweer, afsplitsing, projectie, bewuste verdraaiing en onwetendheid.

Voor mij is het belangrijk om zo helder mogelijk te krijgen dat ervaren gevoelens in het moment zelf echt en waar zijn. Elke therapeut moet er op bedacht zijn dat zijn eigen beleving heel vaak klopt, maar die van de cliënt tegelijkertijd ook, hoe vreemd of onmogelijk dat soms ook toeschijnt.

Zelf moet ik daar steeds weer alert op zijn, omdat het zo eenvoudig en makkelijk is om het te vergeten. Het is belangrijk wat je zelf als therapeut waarneemt, en tegelijkertijd moet je zeer ontvankelijk zijn voor de waarneming, uitleg en interpretatie van de andere partij die het mogelijk anders heeft gevoeld of opgevat.

Waarheid durven toelaten

Als je gevoelens echt zijn waarom raken we dan vaak zo in de war en twijfelen aan onszelf? Twijfel heeft naar mijn idee te maken met het niet goed genoeg kunnen voelen wat er echt gebeurt in een situatie hier en nu.

Als je geen goed contact maakt met de realiteit van dat moment, krijg je de neiging om de situatie te gaan verklaren en te isoleren met je verstand, je verbeelding te gebruiken of af te gaan op de mening en suggesties van anderen. Als je eigen gevoel niet sterk genoeg is, afgesplitst is, of er niet mag zijn, dan ga ja af op wat anderen voelen of denken in plaats van op je eigen gevoel van dat moment.

Je kunt je misschien ook voorstellen wat er gebeurt als iemand jouw gevoel niet serieus neemt en zijn eigen gevoel over de situatie laat overheersen. Als iemands eigen gevoel sterk overheerst, dan heeft die de neiging om de eigen gevoelens en gedachten als het ware op anderen te plakken. Ofwel, hij gaat met zijn eigen gedachten invullen wat goed is voor een ander.

Iemand zal die bank, auto, bloem of therapie kiezen die goed bij hem past en denken dat dat ook het beste is voor de ander. Hij wil graag dat de wereld zoals hij die zelf ervaart, ook voor anderen geldt en probeert anderen ervan te overtuigen. Sommige mensen kunnen die neiging heel sterk hebben. Ze verkondigen erg graag hun eigen waarheid en hebben geen zicht op of belangstelling voor de waarheid van anderen.

Ieder heeft zijn eigen waarheid, maar daarnaast bestaat er ook een gemeenschappelijke waarheid. De waarheid bestaat echt, maar je komt haar alleen te weten als je haar ook wilt leren kennen of wilt toegeven. Gezamenlijke waarheid en betekenis kunnen tot stand komen in de interactie. Het gaat erom je eigen waarheid te mogen voelen en durven zeggen in contact met een ander. Dit geloof ik, zo waarlijk heet ik Candida Albicans Blanchefleur Johnston.

Voorbij afweer en ontkenning terug naar de realiteit

Het contact met de realiteit wordt naar mijn idee gebaseerd op al je zintuigen en gevoelens. Een goed contact met je interne gevoelsleven is de basis voor contact met de realiteit en met andere mensen. Je kunt je voorstellen wat er gebeurt als dit gevoelsleven geblokkeerd is geraakt. Mensen kunnen extreem in de war raken als ze geen contact meer hebben met hun eigen echte gevoelens.

Bij schizofrenie lijkt juist dat het geval, een blokkade van gevoelens en grote problemen met het waarnemen van en contact met de werkelijkheid. De gevoelens zijn geblokkeerd geraakt door afsplitsing, dissociatie en andere overlevingsmechanismen omdat ze door anderen om wat voor reden dan ook niet goed gezien, ontkend of genegeerd werden.

Daarbij volg ik de opvatting van Ruppert (2012) dat er bij schizofrenie sprake is van extreme ontkenningsstrategieën, sterke cognitieve afweer en bijkomende rationalisaties. Juist bij deze psychische problemen is sprake van het uitzetten en wegmaken van allerlei gevoelens waardoor het contact met de realiteit verloren gaat. De werkelijkheid van het eigen gevoel wordt geweld aangedaan uit loyaliteit met de gevoelens van de mensen die het meest dierbaar zijn.

Juist daarom is het zo belangrijk zoals Leader (2012) stelt om de binnenwereld van iemand met schizofrenie of een psychose weer serieus te gaan nemen en hem voorbij alle rationele en cognitieve afweer- of overlevingsstrategieën terug te brengen naar zijn eigen innerlijke echte gevoel van de werkelijkheid in het hier en nu.

Afweer, rationalisaties en overlevingsmechanismen spelen overigens bij iedereen in meer of minder mate een rol. Heel veel mensen gebruiken bovendien hun verbeelding of allerlei bedenksels en redeneringen om in te vullen hoe de wereld van mensen om hen heen er uit ziet. Hoe vaak gebeurt het bijvoorbeeld niet dat je gevoelens van een ander meent te begrijpen terwijl je ze met je eigen verbeelding hebt ingevuld.

Hoe minder verklaringen, rationalisaties en theorieën je gebruikt en hoe meer je luistert naar de gevoelens van jezelf en de ander in het hier en nu, hoe meer je echt te weten komt over anderen.

Blanchefleur Johnston  Blanchefleur Johnston

 

 

Advertenties

76. Werkelijkheid van binnen voelen

Hoe kan therapie genezen 76. 

Door mijn vak ben ik zeer gefascineerd geraakt door de waarheid, de werkelijkheid en de interpretatie ervan. Mijn opvatting over de werkelijkheid is heel direct, en in het hier en nu. De echte wereld is de werkelijkheid zoals die gebeurt en op dit moment gezien, gehoord, gevoeld en ervaren wordt. De werkelijkheid verandert steeds en is steeds nieuw.

Over de toekomst kan ik kort zijn. De toekomst bestaat uit alles wat nog niet gebeurd is en die kan geen waarheid bevatten. Het is gewoon niet gebeurd en dus niet waar. Elke extrapolatie naar of voorspelling van de toekomst is een theorie die wel waar kan worden, maar het nog niet is.

De waarheid is iets anders, namelijk de verzameling van alle gebeurde werkelijkheden. Ofwel de waarheid is de geschiedenis van alles wat gebeurd is in de werkelijkheid: alle feiten, gevoelens, gebeurtenissen, processen die voltrokken zijn. Elk gevoel, beleving of ervaring is een proces dat zich echt voltrokken heeft. Het zijn feiten die echt gebeurd zijn en als je veel moeite doet ook aangetoond kunnen worden. Het gevoel in het hier en nu is er echt. Voor mij is het zien van een stoel net zo echt als het waarnemen van een gevoel in je lichaam.

Dat zal ik verder moeten uitleggen, en ik hoop dat het me lukt. Naast de objectieve wereld van de stoelen, tafels, de aarde, de zon en de maan heb je ook een objectieve wereld van de processen die echt gebeuren. Die processen kun je niet zien zoals de zon en de maan, maar je kunt ze wel voelen gebeuren. Net zoals we een buitenwereld kunnen zien met onze ogen, kunnen we ook een binnenwereld voelen met onze interne organen. Het zien van een stoel met je ogen is net zo echt als het voelen van buikpijn of verdriet met je interne sensoren.

De vijf bekende zintuigen zijn op de buitenwereld gericht. We hebben echter ook een heleboel organen of gevoelens die vertellen hoe het met onze binnenwereld gesteld is. Denk bijvoorbeeld maar aan pijnsensoren, het evenwichtsgevoel en het bewegingsgevoel. Je zou kunnen zeggen dat we eigenlijk een enorme hoeveelheid informatie hebben die we van binnen waarnemen, en die vertelt hoe het met ons ten opzichte van onze omgeving gesteld is.

We hoeven ons dus niet te beperken tot het geloof in wat we waarnemen met onze vijf zo bekende zintuigen, maar we kunnen al onze andere organen, zenuwen en sensoren laten meedoen in het waarnemen van de werkelijkheid binnen en buiten ons.

Het zou heel mooi zijn als anderen ons gewoon geloven als we zeggen dat we van binnen iets voelen of merken, en het niet afwimpelen met de boodschap dat dat verbeelding is of subjectief, en dus onbelangrijk, of niet echt.


Problemen door benoemen en isoleren van gevoelens

Dat er steeds weer problemen in de communicatie over de werkelijkheid ontstaan, lijkt helaas onvermijdelijk. Het goed uitleggen aan een ander wat je waarneemt, is namelijk tamelijk moeilijk. Het vertellen over of benoemen van al je gevoelens of wat je ziet en hoort, dus elk woord, verhaal of uitleg over een ervaring, is een interpretatie, abstractie en versimpeling van de ervaren gebeurtenis of werkelijkheid.

En daar gaat het vaak mis. Hoe abstracter de begrippen, hoe meer interpretatie er insluipt. De uitleg, de woorden, de verklaringen van wat je ziet of voelt, die kunnen makkelijk verkeerd begrepen worden. Daarvoor is het nodig om je af te stemmen op de ander en moeite te doen om iemand te begrijpen.

De stoel waarop ik zit, kan ik aan jou laten zien en daar zal je niet snel aan twijfelen. Mijn liefde voor jou kan uit zoveel woorden bestaan dat jij ze niet begrijpt, maar ik kan het je hopelijk wel laten voelen. Dat gevoel, die gebeurtenis waarin jij mijn liefde voelt, is voor jou echt gebeurd. Een gevoel gebeurt echt. Ook als het weer snel voorbij is en voor niemand zichtbaar.

Ook door het nadenken over een problematisch gevoel gaat het vaak mis. Als je gaat nadenken of piekeren over enkele gevoelens, isoleer je die gevoelens van al het andere wat je zou kunnen voelen. Je probeert je angst op te lossen en te beheersen door er met je verstand allerlei verklaringen of oorzaken voor te zoeken en er zo van af te komen.

Daarmee sluit je je echter af van je lichamelijke reacties die er op een natuurlijke manier voor zorgen dat je angst wordt verwerkt en verdwijnt. Focussen, je gedachten richten op een klein onderdeel van een ervaring, belemmert volgens mij juist de verwerking ervan. Een groot deel van je lichamelijke gevoelens bemerk je dan niet eens, laat staan dat je ze kan benoemen, verwerken of er over communiceren.

Je gevoel in het hier en nu is echt, maar de vertaling van dat gevoel in woorden kan op allerlei manieren vervormd raken.

Blanchefleur Johnston   Blanchefleur Johnston

 

73. Eenzaamheid en ontstaan van een psychose

Hoe kan therapie genezen 73.

Hoe klachten als een psychose of schizofrenie zich kunnen ontwikkelen, blijft een zeer complex en ingewikkeld probleem. Therapeuten zoeken nog steeds op allerlei manieren naar antwoorden vanwege het dringende, wanhopige appel van cliënten met deze ernstige klachten. Hoe kunnen mensen zo verstrikt raken in hun eigen gedachtewereld dat ze van niemand meer iets aannemen, en niet of nauwelijks meer in staat zijn tot contact met de realiteit?

Eenzaamheid lijkt een belangrijke bijdrage te leveren (de Pater, 2012) aan het ontstaan van een psychose. Maar hoe kan het dat kinderen ook in ogenschijnlijk normale gezinnen zich erg eenzaam gaan voelen? En hoe kan het dat kinderen die te maken hebben gehad met duidelijke verwaarlozing er ook regelmatig redelijk gezond vanaf komen?

Ik zie een verband tussen het gevoel van eenzaamheid, zich niet kunnen uiten en een verstoorde ontvangersfunctie tussen het kind en de ouders. Mogelijk ligt een oorzaak van een psychose in het niet tot stand kunnen brengen van een gezond, steunend contact met de ouders en het daarom niet bespreekbaar kunnen maken van die eenzaamheid.

De verstoorde ontvangersfunctie (Leader 2012) kan ontstaan in gezinnen waarin de ouders een te groot emotioneel en symbiotisch beroep doen op hun kinderen, waardoor de kinderen gaan zorgen voor hun ouders. De ouders hebben door hun eigen ontwikkelingstekorten niet kunnen fungeren als een ontvanger en steunend contact voor hun kind.

Het uiten van de eigen gezonde emoties en impulsen kan in die gezinnen door ouders als onwelkom of bedreigend worden opgevat. Een gevoelig kind wordt daardoor op zichzelf teruggeworpen en kan het vragen om hulp, contact of aandacht opgeven.

Afsplitsen in plaats van uiten van woede of verdriet

Ruppert (2012) heeft helder beschreven hoe kinderen in ogenschijnlijk gezonde gezinnen op deze manier symbiotisch verstrikt geraakt zijn met hun ouders. Kinderen ontwikkelen in dit soort gezinnen allerlei overlevings- en ontkenningsstrategieën om de liefde van hun ouders te behouden.

Ze durven niet te praten over wat er met henzelf aan de hand is omdat ze bang zijn voor sociale afwijzing of verachting binnen hun eigen familie. Bij zulke kinderen kan er een emotionele verdoving ontstaan zijn, omdat ze hun eigen gevoelens hebben weg gereguleerd met behulp van allerlei cognitieve afweerstrategieën. Via verkeerde rationalisaties kunnen ze bovendien de indruk wekken van verwerking.

Als een kind steeds wordt afgewezen als het zijn boosheid, angst of verdriet laat zien, leert het zich aangepast en netjes te gedragen om de liefde van de ouders te behouden. Het gaat zorgen voor de emoties van de ouders en komt in een omgekeerde wereld terecht, waar de ouders vooral van hem houden als hij ook lief voor hen is.

Het kind leert niet anders dan dat hij voortdurend anderen gunstig moet stemmen om genoeg zorg te krijgen. De ultieme manier daarvoor is om te zorgen dat iedereen zich netjes gedraagt en lief voor elkaar is, zodat hij zelf zich geen zorgen meer hoeft te maken dat zijn ouders te kort komen. Desnoods met geweld of onder bedreiging van zelfmoord eist hij dat de wereld zich verbetert (Ruppert, 2012).

Gebrek aan aandacht, of verwaarlozing zelf veroorzaken niet altijd trauma’s en psychische problemen. Daar kunnen veel kinderen nog best mee omgaan. Maar het niet toelaten om je boosheid daarover te uiten omdat ouders dat zelf niet aankunnen of ongelukkig van worden, kan er voor zorgen dat een kind zijn woede, pijn en verdriet gaat ontkennen. Het kind blijft zitten met zijn woede, waardoor het gevoel van verwaarlozing en gebrek aan aandacht blijft voortbestaan, en steeds in nieuwe situaties herhaald wordt.

In therapie kan iemand leren om zijn woede of angst weer te voelen en op een normale manier te uiten. Hij kan leren dat hij terecht boos mag zijn als een ander hem afwijst, en dat hij niet voortdurend anderen aandacht hoeft te geven of vrolijk moet zijn om verdriet of boosheid van anderen te voorkomen.

Blanchefleur Johnston  Blanchefleur Johnston

Literatuur
Leader, D. (2012). Wat is waanzin? Amsterdam: de Bezige Bij.
Pater, M. de, (2012). De eenzaamheid van de psychose. Amsterdam: Uitgeverij SWP.
Ruppert, F. (2012). Bevrijding van trauma, angst en onmacht. Op weg naar gezonde autonomie en liefde. Eeserveen: Uitgeverij Akasha.

63. Deskundig dresseren van een cliënt

Hoe kan therapie genezen 63.

Ik ben weinig therapeuten tegengekomen zoals Ruppert (2012) en Malan (1983) die gevoel hebben voor de onnoembare ervaring van onveiligheid die veel kwetsbare cliënten liever verborgen houden.

Ik wil je hier daarom graag waarschuwen dat deze onveiligheid en bijbehorende overlevingsmechanismen heel makkelijk over het hoofd gezien worden. De vraag dringt zich bij me op of therapeuten, mezelf inbegrepen, niet regelmatig per ongeluk bezig zijn om cliënten die gevoelig zijn een kunstje aan te leren. In de therapie draait het er soms op uit dat de cliënt geen hulp krijgt, maar vooral leert om de normen, ideeën en waarde van de therapeut over te nemen.

Een goede therapie is misschien die therapie waarbij een therapeut doorheeft dat zijn eigen opvatting en theorieën mogelijk slechts als een placebo zullen werken en dat daarbij niet alleen de cliënt maar ook de therapeut behaagd wordt. Het pakket aan wensen en eisen waaraan een cliënt bij veel therapieën moet voldoen om beter te worden, kan zelfs haaks staan op de ontwikkeling en emotionele groei tot zelfstandigheid van een cliënt.

De symptomen verdwijnen door de overtuigingskracht van de gebruikte theorieën en interventies, maar keren in een ander vorm weer terug, omdat de cliënt niet geleerd heeft ze zelf aan te gaan en op zijn eigen manier te verwerken of op te lossen.

Natuurlijk kunnen we een cliënt een heleboel soorten gedrag aanleren en afleren. We kunnen een cliënten sociale vaardigheden aanleren en zorgen dat ze zich netter gedragen en beter functioneren in de maatschappij. We kunnen ze leren relativeren en zelfs leren geloven dat ze niet meer bang hoeven te zijn voor de dood (zie blog 36, de dood is niet eng, K. Byron, 2002).

Uiteindelijk zullen cliënten die zich in hun jeugd onvoldoende hebben kunnen ontwikkelen tot emotioneel stabiele personen een veilige proeftuin nodig hebben. In die proeftuin kunnen ze alsnog al die dingen uitproberen die ze als kind hebben overgeslagen, zoals het niet hoeven voldoen aan de verwachtingen, tekort mogen schieten, aandacht opvragen, en ook boos worden, de strijd aangaan en daarbij de grenzen leren accepteren die een volwassen, betrokken ander daaraan stelt.

Weerstand als signaal van een overlevingsmechanisme

Over overlevingsmechanismen wil ik nog wat kwijt. Ik zie een verband tussen verdedigingsmechanismen, bescherming en overlevingsmechanismen. Eerder had ik het over Kohut (1984) die de bekende verdedigingsmechanismen van Freud (1965) omgedoopt had tot beschermingsmechanismen. De weerstanden en verdedigingen die Freud benoemd had, waren volgens hem geen weerstanden, maar waardevolle acties om jezelf te beschermen tegen het opdringerige of grensoverschrijdend gedrag van anderen en van therapeuten (zie blog 12).

Kohut zag weerstand tegen de therapeut dan ook niet als een noodzakelijk deel van het therapieproces, maar eerder als een signaal dat de therapeut te weinig rekening houdt met de cliënt, en zich te weinig inleeft in de positie van de cliënt.

We zouden de verdediging- en beschermingsmechanismen in de lijn van Ruppert (2012) echter ook kunnen benoemen als overlevingsmechanismen. Allerlei rationalisaties, verklaringen, afweer en weerstand kunnen we dan zien als overlevingsreacties in een onveilige omgeving. Die overlevingsreacties bestaan uit een afsplitsing van het gevoel waardoor je angst, pijn, verdriet of afwijzing niet hoeft te voelen.

Dit afsplitsen zorgt er ook voor dat je op dat moment geen contact voelt met jezelf of met anderen. Het is in die zin geen gezond verdedigings – of beschermingsmechanisme maar een vorm van dissociatie om pijnlijke gevoelens niet te hoeven aangaan.

Dit biedt een ander perspectief op hoe een therapeut met allerlei rationalisaties en weerstand om kan gaan. Weerstand is dan inderdaad zoals Kohut zegt een signaal van de cliënt dat de therapeut te weinig rekening houdt met de leefwereld van de cliënt.

Bovendien zou het dan een signaal zijn dat iemand zich nog niet veilig genoeg voelt om emoties die hij altijd buiten de deur heeft gehouden, te laten zien. De cliënt heeft die gevoelens moeten afsplitsen om op een bepaald moment alleen verder te kunnen en door te gaan met zijn leven. Het gaat dan vaak om gevoelens die iemand liever verborgen houdt zoals een overweldigend gevoel van verlies, verdriet of afwijzing. Het kan soms lang duren voordat die gevoelens in therapie uiteindelijk aan de orde kunnen komen.

Blanchefleur Johnston  Blanchefleur Johnston

Literatuur
Byron, K. (2002). Vier vragen die je leven veranderen. Utrecht: Spectrum.
Freud, S. (1965/1910). The Origin en Development of Psychoanalysis. Washington: Gateway Editions.
Kohut, H. (1984). How does analysis cure? Chicago: Chicago Press.
Malan, D.H. (1983). Individuele psychotherapie. Houten: Bohn, Stafleu, van Loghum.
Ruppert, F. (2012). Bevrijding van trauma, angst en onmacht. Op weg naar gezonde autonomie en liefde. Eeserveen: Uitgeverij Akasha.

61. Extreme ontkenningsstrategieën en behoefte aan liefde

Hoe kan therapie genezen 61.

Tijdens het therapieproces moeten er allerlei verschillende vormen van afsplitsing van de eigen gevoelens en bijbehorende overlevingsstrategieën overwonnen worden. Ruppert (2012) beschrijft zijn ervaringen met zeer verschillende type cliënten met matige tot zeer ernstige psychopathologie. Ontkenning en overlevingsstrategieën kunnen daarbij extreme vormen aannemen en soms leiden tot een psychose of waanzin. Vooral kinderen die verstrikt zijn geraakt in een traumatisch bindingssysteem dat al meerdere generaties bestaat, kunnen zich soms in extreme bochten wringen om de realiteit te ontkennen.

Een kind kan verstrikt raken omdat er van generatie op generatie te weinig liefde en aandacht voor kinderen in het gezin bestaat. Grootmoeder was bijvoorbeeld een intelligente vrouw die zelf weinig liefde of steun had ervaren en gericht was geraakt op prestaties en aandacht in de buitenwereld. Deze grootmoeder was nauwelijks in staat haar eigen kinderen op te voeden. Een van haar kinderen werd in de puberteit uit huis geplaatst omdat het grootmoeder niet lukte om voor haar te zorgen.

Dit kind heeft op haar beurt een groot emotioneel tekort ervaren. Ze heeft dit weggestopt en omgezet in de wens om zelf een gelukkig en ideaal gezin te stichten. Het gebrek aan steun en liefde van haar moeder vertaalt zich nu in een grote behoefte aan aandacht en liefde van haar eigen kinderen.

Het kind van deze moeder voegt zich tenslotte in de psychische structuur van de moeder en probeert daarbinnen haar moeder de liefde te geven waar ze zo naar verlangt. Zo leert een kind te zorgen voor de emotionele behoefte van haar getraumatiseerde moeder en haar eigen behoeften te negeren. Het is volledig symbiotisch verstrikt geraakt met de behoeften van haar moeder.

De behoefte om ondanks alles door de ouders geaccepteerd en geliefd te worden, en de loyaliteit met het gezin zijn zulke sterke psychische krachten dat emotioneel misbruikte kinderen steeds opnieuw moeite blijven doen om hun ouders te begrijpen, te troosten en te helpen (Ruppert, 2012).

Sommige kinderen gaan zelfs zo ver dat ze zelf als ‘gek’ bekend komen te staan, om hun ouders te beschermen tegen het verwijt dat die een aandeel hebben in de slechte psychische gezondheid van hun kind.

Loyaliteit, extreme angst en moord

Volgens Ruppert spelen dit soort onbesproken en geheimgehouden familiedrama’s een duidelijke rol bij schizofrenie en psychose. Volgens hem betekent psychotisch zijn symbiotisch verstrikt zijn en in de afgrond getrokken worden door de traumagevoelens en herhaalde verwaarlozing in de vorige generaties, vooral in de moederlijke lijn.

Er is sprake van extreme loyaliteit en extreme angst als de waarheid aan het licht komt dat de moeder tekort gekomen is in haar zorg. De wens om dit te voorkomen is vaak veel sterker dan de wens om een normaal leven te leiden. Bij de familie willen horen vormt vaak het hoogste doel, tegen elke prijs, zelfs als het de cliënt het eigen verstand of het eigen leven kost. Het gaat hier niet om verdrongen herinneringen vanwege trauma maar van ontkenning van angst en andere emoties om bij het gezin te blijven horen.

Schizofreen zijn betekent in Rupperts woorden dat de betrokkene zich extreme ontkenningsstrategieën heeft eigengemaakt. Het kind wil de vrede in de wereld bewerkstelligen en de Messias zijn om de liefde voor iedereen in de familie te herstellen en vecht hiervoor met zijn eigen leven. Het schroomt niet om voor zelfmoord of soms voor moord te kiezen als dat in zijn eigen ogen het probleem van liefdestekort oplost. Zo zou je sommige moorden kunnen duiden als een noodgedwongen oplossing van een enorm loyaliteitsprobleem.

Zo zou je ook kunnen zeggen dat kinderen die te veel gedwongen worden om te leven zoals hun ouders dat voor zich zien, extreme escapemechanismen kunnen gaan gebruiken om aan een goedbedoeld, maar te rigide regiem te ontkomen.
Blanchefleur Johnston   Blanchefleur Johnston

Literatuur
Ruppert, F. (2012). Bevrijding van trauma, angst en onmacht. Op weg naar gezonde autonomie en liefde. Eeserveen: Uitgeverij Akasha.

60. Loslaten van illusies om trauma te genezen

Hoe kan therapie genezen 60.

Naast het ontwikkelen van gezonde delen (zie blog 58 en 59), is het volgens Ruppert (2012) noodzakelijk voor genezing dat iemand zijn eigen illusies gaat herkennen en wil opgeven. Dit proces kan veel tijd kosten. Een illusie kun je niet zomaar opgeven. Het wordt vaak juist uit alle macht gehandhaafd.

De realiteit verandert voortdurend, maar een gecreëerde werkelijkheid staat stil. Iemand die een deel van zichzelf heeft afgesplitst om bepaalde gevoelens niet meer te hoeven meemaken, heeft dat stukje van wereld stilgezet. Bovendien zal hij dat stukje ook stil en bevroren willen houden uit angst om de gevoelens die hij daarmee uit de weg gaat, alsnog te gaan ervaren. Iemand kan daarbij allerlei gedachten, gevoelens en herinneringen hebben ontwikkeld die fungeren als een schild tegen wat er zich in werkelijkheid heeft afgespeeld.

Alleen als iemand kan gaan zien en erkennen dat hij door een afsplitsing bepaalde gevoelens buiten de deur houdt en daarom heen een verhaal of schijnwerkelijkheid gemaakt heeft om die afsplitsing in stand te houden, kan er een ingang ontstaan naar gezondere vormen van voelen, denken en ervaren en kan de illusie worden losgelaten.

Ik moet hier denken aan Karen Horney (1991) en het loslaten van het ideale zelfbeeld (zie blog 7 en 8). Een cliënt heeft vaak zijn eigen ideale waarden ontwikkeld die tot nu toe helder, duidelijk, juist en veilig voelden. Het is angstig om onder de ogen te zien dat datgene wat iemand als veilig ervaart juist een belemmering kan zijn voor groei. Illusies, bluf, trots, make-belief en onkwetsbaarheid moeten plaatsmaken voor het aangaan van de werkelijkheid en allerlei moeilijke gevoelens die je vaak liever niet wilt ervaren, zoals gevoelens van eenzaamheid, schaamte, verlies, verdriet of vernedering.

Hoeveel tijd het kost om illusies en trauma’s achter je te laten en hoe vaak je dit moet doen, is moeilijk in te schatten. Bij sommige cliënten gaat het snel, binnen enkele dagen, bij anderen duurt het weken, maanden, soms ook jaren, afhankelijk van het soort trauma en hoe toegankelijk het trauma of de traumatische periode is. Vooral het losmaken van het gezin van herkomst kan soms bijzonder lang duren.

Enorme moed nodig om zich los te maken

Franz Ruppert (2012) heeft vaak in zijn praktijk gezien dat het moeilijk is voor kinderen om zich los te maken van een familie die hun kwaad heeft aangedaan. Ze hebben het vroegere systeem van het gezin verregaand verinnerlijkt. Ze hebben veel strategieën aangeleerd om in een dergelijk familie te overleven. Ze spelen het spel mee en zwijgen erover naar de buitenwereld uit angst om verstoten te worden, voor sociale afwijzing of angst voor moord of zelfmoord van een van de familieleden.

Dit kunnen allemaal reële angsten zijn, want de ouders zijn daadwerkelijk onberekenbaar door hun eigen verleden en traumatisering. Ook doodsangst kan soms dermate groot zijn dat vermijdingsstrategieën zoals dissociatie en afsplitsing van psychische functies bijzonder diep zijn ingeslepen. Dit proces om te gaan zien hoe het eigen gedrag zo sterk beïnvloed werd door interacties in het gezin vergt een enorme moed.

Pas wanneer een cliënte besluit niet meer eenzijdig te investeren in de relatie met de dader, en hem of haar niet meer beschermt, kan het glashelder worden wat ze haar leven te verduren heeft gehad en waaraan ze heeft meegedaan.

Blanchefleur Johnston  Blanchefleur Johnston

Literatuur
Ruppert, F. (2012). Bevrijding van trauma, angst en onmacht. Op weg naar gezonde autonomie en liefde. Eeserveen: Uitgeverij Akasha.
Horney, K. D (1991). Neurosis and human growth, The struggle towards self realisation. New York: Norton and Company

57. Ruppert: bevrijding van trauma, angst en onmacht

Hoe kan therapie genezen 57.

Na de eenvoudige benadering van trauma’s door sommige wetenschappers ga ik graag in op de zeer interessante methode van Franz Ruppert (2012). Ruppert is een Duitse hoogleraar en psychotherapeut die veel ervaring heeft met psychotrauma. Zijn methode ‘Bevrijding van trauma, angst en onmacht, op weg naar gezonde autonomie en liefde’, maakte veel indruk op me.

Hij schrijft de oorsprong van psychische problemen toe aan traumatische gebeurtenissen in de familie die generaties lang kunnen doorwerken. Het kan zijn dat een cliënt zelf een of meerdere traumatische ervaringen heeft gehad, zoals het verlies van een moeder, vader, broer of zus, een scheiding, misbruik, geweld of een ernstig ongeluk. Het kan echter ook zijn dat vader, moeder, opa of oma zoiets heeft meegemaakt.

De gevolgen van een dergelijk trauma werken onbewust door in het gedrag van degene die het is overkomen. Een moeder kan bijvoorbeeld erg voorzichtig worden met een kind omdat ze eerder een kind verloren heeft. Ze kan zich erg gaan hechten aan haar andere kinderen, waardoor die veel meer worden ingeperkt in hun vrijheid dan nodig. Een jongen die vroeger regelmatig slaag heeft gehad, kan dit gewoon vinden en ook zijn eigen kinderen streng en met slaag opvoeden. Of het kan zich juist erg afzetten tegen een dergelijke opvoeding en zijn kinderen te veel vrijlaten. Je zou kunnen zeggen dat het trauma kan zorgen voor een overdreven of uitvergrootte reactie zonder dat je je daarvan bewust bent.

Zelf geeft Ruppert een verklaring die gebaseerd is op de therapie van familieopstellingen van Hellinger. Analoog daaraan spreekt hij van traumaopstellingen. Hij combineert dit met psychotherapie. Zijn ervaringen als psychotherapeut vind ik dermate waardevol en goed passen in de rest van mijn verhaal dat ik er graag over vertel.


Genezen door integratie van afgesplitste psychische functies

Hoe denkt psychotherapeut Franz Ruppert (2012) cliënten te genezen? Daarvoor moeten we eerst kijken naar zijn ideeën hoe de psyche functioneert. De psyche is een enorm complex geheel waarin diverse functies een rol spelen zoals waarnemen, geheugen, denken en voelen.

Het is de taak van een gezonde psyche om al deze taken te integreren. Psychische gezondheid is volgens hem dat we de werkelijkheid in al haar verscheidenheid, diepte, geladenheid en tegenstrijdigheid kunnen waarnemen en verduren.

Het gaat daarbij om een harmonische samenwerking van de emotionele functie, die de energie levert en de cognitieve functie die de uitvoering reguleert en evalueert. Hierdoor zijn we in staat om voortdurend en flexibel mee te bewegen met de stroom van veranderingen in de werkelijkheid.

De psyche heeft allerlei taken die gericht zijn op zelfbehoud en behoud van de soort. Een van de functies is daarbij ook dat het zich kan beschermen tegen een realiteit die te belastend of te schadelijk is. Op allerlei manieren kan de werkelijkheid verdraaid, vervaagd of op afstand gehouden of geblokkeerd worden.

Het tijdelijk uitschakelen, het niet hoeven voelen, dissociatie genoemd, kan gezien worden als een van de functies van een gezonde psyche. In bepaalde, moeilijke omstandigheden is dit beschermen tegen of vervagen van de werkelijkheid zelfs het centrale doel van de psyche.

Het uitschakeling of afsplitsen van bepaalde psychische functies leidt echter op langere termijn tot psychische klachten. De integratie van denken, waarnemen en voelen komt dan niet goed meer tot stand. Hierdoor kan een cliënt last kan krijgen van allerlei symptomen zonder te begrijpen waardoor dat komt.

De behandeling richt zich op hernieuwde integratie van de psyche en het herstellen van de functies die tijdelijk zijn uitgeschakeld. Allerlei afweermechanismen om de werkelijkheid buiten de deur te houden zijn dan niet meer nodig. Hoe dit in zijn werk kan gaan in therapie, zal ik vertellen.

Blanchefleur Johnston  Blanchefleur Johnston

Literatuur
Ruppert, F. (2012). Bevrijding van trauma, angst en onmacht. Op weg naar gezonde autonomie en liefde. Eeserveen: Uitgeverij Akasha.